Archief

Reinoud van Vught

14 okt 1995 - 7 jan 1996
werk in collectie

In de schilderijen van Reinoud van Vught krijgen de verf en het toeval alle kans. Momenten waarop hij de verf uitgiet en slechts een vrije, intuïtieve regie over de uitstromende materie voert, worden echter afgewisseld door meer nadrukkelijke ingrepen. Doorwerkend op de grillige verfsporen, of op de dichtgelopen huid van een door tal van bewerkingen verweerd stuk papier, komen vaak organische en florale motieven naar voren. Van Vught vindt zijn inspiratie in de natuur en in de traditie van de schilderkunst – maar vooral in het schilderij dat hij onder handen heeft: ‘Ik kijk wat de verf en het doek me te vertellen hebben, daar ga ik van uit (…).’

Al in het vroege werk blijkt dat Van Vught de natuur niet alleen in de tere, precieze sporen van de groei van een plant herkent, maar dat hij ook het schilderen zelf als ‘natuurlijk’ ervaart: het ontstaansproces van een schilderij is voor hem parallel aan natuurlijke formatie. Naast fijne, met rietpen gemaakte tekeningen van distels en takken ontstonden bijvoorbeeld schilderijen waarin hij ‘gebeurtenissen’ in de verf liet zien – die toch associaties met natuurlijke vormen opriepen. Zo leverde een wenteling van de handpalm in de natte verf een beeld op dat aan de structuur van hersenen doet denken. Tegen een meer egale achtergrond verscheen zo’n picturaal fragment bijna als miniatuur, als schilderij-in-een-schilderij.

Door het grote gastatelier van De Pont, dat Van Vught in 1994-1995 tot zijn beschikking had, nam de dynamiek van zijn werk toe. Hij ging aan de slag met banen papier van zo’n twintig à dertig meter, die pas later in stukken werden opgedeeld en verder bewerkt; aanvankelijk hadden de vellen geen boven- of onderkant en ontwikkelden ze zich in alle richtingen. En terwijl hij in zijn eigen atelier afhankelijk was van lange droogtijden, werkte hij nu aan tientallen bladen tegelijk: ‘ik kon er overheen lopen, middenin zitten, fysiek heel aanwezig zijn in en rond het werk.’

De schaal van deze werken zet zich door in een aantal recente schilderijen waarin boleten figureren. Ze zijn geschilderd op een ongeprepareerd grauw doek en het lijkt de uitdaging om de straling van de kleuren en de beweeglijkheid van de beschildering te behouden, waar verf en kleur meteen in de absorberende ondergrond verdwijnen – een fresco-achtige kwaliteit die door het mediterrane kleurgebruik wordt versterkt.

Kijk hier naar gesprek met de kunstenaar op ArtTube